22 december 2009
Het wordt makkelijker om een besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid (bv) op te richten omdat de regels voor deze rechtsvorm worden vereenvoudigd. Onder meer het minimumkapitaal van 18.000 euro als startkapitaal wordt afgeschaft. Een en ander blijkt uit het wetsvoorstel vereenvoudiging en flexibilisering bv-recht dat op 15 december 2009 met algemene stemmen door de Tweede Kamer is aangenomen.
Meer vrijheid
Ondernemers krijgen meer vrijheid bij de inrichting van kleinere ondernemingen, joint ventures en concerns, waardoor zij beter en sneller kunnen inspelen op veranderingen in de markt en hun concurrentiepositie kunnen versterken. De grotere vrijheid die ondernemers wordt geboden, blijkt vooral uit de ruimere mogelijkheden om in de statuten af te wijken van bepalingen in de wet. Voorbeelden daarvan zijn de mogelijkheid dat iedere aandeelhouder zijn eigen bestuurder benoemt, de uitgifte van stemrechtloze aandelen en meer gelegenheid om besluitvorming buiten de algemene vergadering te laten plaatsvinden.
Afschaffing minimumkapitaal
Daarnaast worden onnodige belemmeringen voor het bedrijfsleven in bestaande regelgeving weggenomen. Belangrijk is de afschaffing van het minimumkapitaal van 18.000 euro als startkapitaal. Ondernemers kunnen in het nieuwe systeem zelf kiezen welk bedrag zij bij de oprichting van de bv inbrengen. Dit zal naar verwachting een gunstig economisch effect hebben omdat het voor kleinere en startende ondernemers makkelijker wordt om te kiezen voor een rechtsvorm met beperkte aansprakelijkheid. Het maakt investeren in de onderneming aantrekkelijker. Ook de verplichte blokkeringregeling, de bankverklaring en de accountantsverklaring bij inbreng in natura worden afgeschaft.
Parlementaire behandeling
Er zijn twee nota’s van wijziging ingediend (nr. 7 en 8). De nota van wijziging (nr. 7) brengt op een aantal punten inhoudelijke wijzigingen in het wetsvoorstel aan. Ten aanzien van statutaire verplichtingen tot aanbieding en overdracht van aandelen en statutaire eisen aan het aandeelhouderschap wordt in artikel 192 en artikel 192a (nieuw) bepaald dat deze niet tegen de wil van de aandeelhouder kunnen worden opgelegd.
Rond de voorgestelde aansprakelijkheidsregeling bij uitkeringen aan aandeelhouders (artikel 216) wordt de reikwijdte van de aansprakelijkheid van bestuurders en aandeelhouders beperkt tot het tekort dat door de uitkering is ontstaan (in plaats van het volledige bedrag van de uitkering). Voor de aansprakelijkheid van aandeelhouders wordt niet langer de voorwaarde gesteld dat de vennootschap binnen een jaar na de uitkering in staat van faillissement is gesteld. Overeenkomstige wijzigingen zijn aangebracht in de regeling voor inkoop van eigen aandelen in artikel 207.
Ten aanzien van de stemrechten van aandeelhouders is in artikel 228 bepaald dat een variabele verdeling van stemrechten betrekking moet hebben op alle besluiten van de algemene vergadering. De oorspronkelijk voorgestelde mogelijkheid om het stemrecht per besluit te laten variëren (de zogenaamde «beperkt» stemrechtloze aandelen) wordt dus niet gehandhaafd. Hiermee wordt onnodige complexiteit, met name ten aanzien van het begrip dochtermaatschappij, vermeden.
Verder is in artikel 228 niet langer bepaald dat een besluit waarmee nadeel wordt toegebracht aan de rechten van houders van stemrechtloze aandelen niet zonder hun instemming kan worden genomen.
In artikel 238 wordt besluitvorming buiten vergadering verder gefaciliteerd door te bepalen dat aan het vereiste van schriftelijkheid van de stemmen tevens is voldaan als het besluit, onder vermelding van de wijze waarop men heeft gestemd, schriftelijk of elektronisch wordt vastgelegd en door alle vergadergerechtigden is ondertekend.
Nota van wijziging nr. 8
De nota van wijziging nr. 8 brengt enige veranderingen aan in de procedure voor uitkeringen aan aandeelhouders (artikel 216) en vermindering van het geplaatste kapitaal met terugbetaling op aandelen (artikel 208). Ook wordt er een beperkte wijziging aangebracht in de regeling voor inbreng in natura (artikel 204a).
Amendementen
Tijdens de parlementaire behandeling zijn negen amendementen aangenomen:
- nr. 24 (Tang/Irrgang). Dit amendement beoogt een aanvulling te zijn op de bepaling die tegenstrijdig belang tegengaat (het nieuwe art. 2: 129 lid 6 BW).
- nr. 25 (Weekers). Dit amendement betreft de tweede volzin van artikel 192, vijfde lid. In de wetenschap is de vraag gerezen of de gemachtigde, in dit geval de vennootschap, het aandeel zal kunnen overdragen als de desbetreffende aandeelhouder failliet is of op hem de schuldsaneringsregeling natuurlijke personen van toepassing is, en hij dus beschikkingsonbevoegd is. Om deze twijfel weg te nemen wordt voorgesteld om op dezelfde wijze als in wetsvoorstel 31 065 is gedaan, de tweede volzin van artikel 192, vijfde lid anders in te kleden.
- nr. 15 (Irrgang c.s.). Betreft een nader gewijzigd amendement om er voor te zorgen dat het bestuur het dividendbesluit moet goedkeuren.
- nr. 16 (Weekers). Amendement dat er in voorziet dat een goedkeurend besluit nodig is van de houders van de aandelen indien een statutenwijziging specifiek aan hen toegekende rechten afbreuk doet.
- nr. 21 (Weekers). Gewijzigd amendement over wijziging artikel inzake bindende voordrachten.
- nr. 17 (Weekers). Amendement om de bepaling te handhaven, dat wanneer de voordracht met één kandidaat niet is doorbroken, deze als benoemd geldt.
- nr. 20 (Weekers). Amendement over de benoeming van bestuurders door een vergadering van houders van aandelen van een bepaalde soort of aanduiding.
- nr. 10 (Depla/Blok). Dit amendement strekt ertoe dat het afkooprecht niet slechts betrekking heeft op een verzekering, maar tevens op een lijfrentespaarrekening en een lijfrentebeleggingsrecht.
- nr. 27 (Irrgang). Amendement ter beperking van het maximum aantal functies dat een individu kan bekleden.
Het aangenomen wetsvoorstel heeft kamernummer 31058. Wanneer de nieuwe wet in werking treedt is nog niet bekend.
Bron: www.pleinplus.nl