Menu

Blog

 

Over wetten en regels raken wij niet uitgepraat. Aan elke wet zit onlosmakelijk een discussie vast. Onze advocaten en belastingkundigen houden zich graag bezig met ontwikkelingen en interessante casussen in hun eigen rechtsgebied. Dit vertalen zij naar actuele, openhartige blogs.

Thuiswerken: reiskostenvergoeding vervalt

08.12.2020 | Melissa Meffert - 0 reactie(s)

 

Werkgevers opgelet: per 1 januari 2021 vervalt de regeling onbelast vergoeden reiskosten bij thuiswerken.   De mogelijkheid om reiskostenvergoedingen onbelast aan werknemers uit te betalen, was vanwege de coronacrisis in 2020 tijdelijk verruimd. Deze verruiming komt per 1 januari 2021 te vervallen en zal (financiële) consequenties hebben voor veel werkgevers en werknemers.   Normale regeling In de normale situatie mag een werkgever een werknemer een vaste onbelaste reiskostenvergoeding betalen van maximaal € 0,19 per kilometer voor reiskosten met een vast en gelijkmatig karakter, bijvoorbeeld voor woon-werkverkeer. Voor een dergelijke onbelaste reiskostenvergoeding gelden wel enkele voorwaarden. Eén van deze voorwaarden betreft de “36-weken of 128-dagen eis” en houdt (kort gezegd) in dat de werknemer 36 weken of 128 dagen per jaar naar een vaste werkplek moet reizen. Als het reisgedrag van de werknemer op enig moment verandert, in die zin dat hij niet meer aan voornoemde eis voldoet, dan mag de werkgever de vaste onbelaste reiskostenvergoeding nog tot 6 weken na de verandering van het reisgedrag ongewijzigd betalen. Na ommekomst van die 6 weken moet de vergoeding echter worden stopgezet of aangepast aan de nieuwe situatie.   Bijzondere regeling Sinds de uitbraak van Covid-19 in Nederland dienen werknemers volgens de RIVM-richtlijnen zoveel mogelijk thuis te werken, waardoor het reispatroon van veel werknemers is veranderd en een groot aantal werknemers niet meer aan de 36-weken of 128-dagen-eis voldoet. De Staatssecretaris van Financiën achtte dit echter niet doelmatig en ongewenst. Daarom heeft hij bepaald dat werkgevers een vaste reiskostenvergoeding – ondanks een gewijzigd reispatroon – in 2020 onbelast konden doorbetalen. Voorwaarde daarvoor is wel dat de vaste reiskostenvergoeding al vóór 13 maart 2020 was toegekend. Deze bijzondere regeling bood werkgevers de mogelijkheid om de onbelaste reiskostenvergoeding toch door te betalen, ondanks het feit dat de werknemers (grotendeels) thuiswerkten.   Vanaf 1 januari 2021 Voornoemde bijzondere regeling vervalt per 1 januari 2021, waardoor werknemers vanaf dat moment geen onbelaste reiskostenvergoeding meer mogen ontvangen voor thuiswerkdagen. Alleen de daadwerkelijke reisdagen mogen nog onbelast worden vergoed. Nu het erop lijkt dat we ook in 2021 nog wel enige tijd te maken hebben met Covid-19 en de beperkende maatregelen in dat kader, zullen veel werknemers ook na 1 januari 2021 niet voldoen aan de 36-weken of 128-dagen-eis, waardoor betaling van een onbelaste reiskostenvergoeding niet (zonder meer) mogelijk is.   Advies Het is voor werkgevers belangrijk om de komende weken alvast het (veranderde) werk- en reispatroon van de werknemers in kaart te brengen en te onderzoeken in hoeverre een onbelaste reiskostenvergoeding nog is toegestaan. In dat kader is het van belang om goed te administreren op welke dagen er thuis wordt gewerkt en op welke dagen op kantoor. Indien er sprake is van veranderingen in de reiskostenvergoeding is het verder zaak hierover tijdig en duidelijk met de betrokken werknemers te communiceren. Indien een onbelaste reiskostenvergoeding immers per 1 januari 2021 niet meer mogelijk is, kan dat behoorlijke financiële consequenties hebben. Het vorenstaande geldt overigens ook voor andere vaste onbelaste onkostenvergoedingen, waar vanwege het thuiswerken op dit moment mogelijk geen werkelijke kosten tegenover staan.   Meer weten? Wilt u meer weten over de (on-)mogelijkheden van een onbelaste reiskosten- of andere onkostenvergoeding voor uw werknemers per 1 januari 2021, neem dan gerust contact op met Melissa Meffert of één van onze andere arbeidsrechtspecialisten.

 

Tags: Arbeidsrecht, werknemer, werkgever, corona, reiskosten, onkostenvergoeding

 

Lees verder

Opzegging arbeidsovk onbepaalde tijd AOW-pensioen

09.06.2015 | Mike Timmer - 0 reactie(s)

 

Opzegging arbeidsovereenkomst onbepaalde tijd AOW/pensioengerechtigde werknemer: Vanaf 1 juli 2015 geldt dat indien met een oudere werknemer vóór het bereiken van de AOW- of pensioengerechtigde leeftijd een arbeidsovereenkomst is aangegaan, de werkgever de arbeidsovereenkomst kan opzeggen tegen de dag waarop de werknemer de in de AOW bedoelde leeftijd heeft bereikt. Indien voor de werknemer een afwijkende pensioenleeftijd geldt, kan deze opzegging plaatsvinden tegen waarop de werknemer de leeftijd heeft bereikt waarop voor hem recht op pensioen ontstaat. Voor de beëindiging van de arbeidsovereenkomst is vanaf 1 juli as in deze gevallen geen instemming van de werknemer, toestemming van het UWV of ontbinding door de kantonrechter meer nodig. Deze wettelijke opzegmogelijkheid geldt, tenzij schriftelijk anders is overeengekomen.   Ragetlie-regel: Op de hiervoor geschetste situatie, is in beginsel de Ragetlie-regel (artikel 7:667 lid 4 BW) van toepassing. Deze regel is niet van toepassing als de arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd is ontbonden door de rechter of rechtsgeldig is opgezegd. Gelet daarop is de huidige werkwijze (tot 1 juli as) dat indien de behoefte bestaat om de arbeidsovereenkomst voor te zetten na het bereiken van de pensioenleeftijd/AOW-leeftijd, de arbeidsovereenkomst wordt ontbonden. Vanaf 1 juli 2015 is die noodzaak er echter niet meer omdat alsdan geldt dat de Ragetlie-regel evenmin van toepassing is als de opzegging geschiedt op of na de AOW- of pensioengerechtigde leeftijd.   In de laatste zin van de Ragetlie-bepaling wordt opgenomen dat deze regel niet geldt indien de tijdelijke arbeidsovereenkomst een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd opvolgt, welke laatste arbeidsovereenkomst wegens het bereiken van de AOW- of pensioengerechtigde leeftijd door een daartoe strekkend beding is geëindigd. Als de arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd door een vooraf overeengekomen pensioenontslagbeding eindigt en wordt opgevolgd door een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd, dan eindigt deze dus van rechtswege zonder dat opzegging is vereist. Let op, de aanzegging is wel vereist.   Tijdelijke contracten (wetsvoorstel): In het wetsvoorstel “Werken na de AOW-gerechtigde leeftijd (34.073)” wordt naar verwachting geregeld dat het mogelijk is om AOW-gerechtigde werknemers maximaal 6 tijdelijke contracten te geven binnen een periode van maximaal 48 maanden. Daarmee wordt dus afgeweken van artikel 7:668a BW. Voor de goede orde merk ik op dat de Eerste kamer zich nog moet buigen over dit wetsvoorstel, (thans is men doende met de schriftelijke voorbereiding voor de plenaire behandeling). Als het wetsvoorstel wordt aangenomen, dan zullen de effecten van de wet worden geëvalueerd. Deze evaluatie richt zich op de effecten in de eerste twee jaren na inwerkingtreding van het wetsvoorstel. In ieder geval zal onderzoek worden gedaan naar het antwoord op de vraag of de verkorting van de loondoorbetalingsverplichting bij ziekte leidt tot verdringing op de arbeidsmarkt.   Transitievergoeding: Na 1 juli 2015 dient in beginsel door werkgevers een transitievergoeding te worden betaald aan werknemers van wie de arbeidsovereenkomst ten minste 24 maanden heeft geduurd. Op deze hoofdregel geldt echter voor oudere werknemers een uitzondering indien het eindigen of niet voortzetten van de arbeidsovereenkomst geschiedt op of na het bereiken van de AOW- of pensioengerechtigde leeftijd. De transitievergoeding is in die situatie niet verschuldigd.   13 weken loondoorbetalingsverplichting bij ziekte (wetsvoorstel): In het wetsvoorstel “Werken naar AOW” is opgenomen dat aan een zieke werknemer, die de AOW-gerechtigde leeftijd heeft bereikt, maximaal 13 weken het loon moet worden doorbetaald. Eventuele re-integratieverplichtingen voor een zieke werknemer vervallen na 13 weken en het opzegverbod tijdens ziekte is voor de AOW-gerechtigde werknemers teruggebracht naar 13 weken.

 

Tags: opzeggingarbeidsovereenkomst, AOW/pensioen, werknemer

 

Lees verder

Op de hoogte blijven?

Op de hoogte blijven?

Onze advocaten en belastingkundigen informeren u graag over actuele ontwikkelingen op het gebied van recht en jurisprudentie.

Lees ons nieuws

Medewerkers ontmoeten

Medewerkers ontmoeten

De interne samenwerking tussen veertien advocaten, een fiscaal jurist en een team van stafmedewerkers is uniek in de Achterhoek.

Medewerkers